NT-Wiki

Barnabas, Markus en Petrus: Twee netwerken, één missie

Hoe de scheiding bij Handelingen 15 leidde tot de evangelisatie van Noord-Turkije

49 n.Chr. – 65 n.Chr.

Infographic: Barnabas, Markus en Petrus: Twee netwerken, één missie — Hoe de scheiding bij Handelingen 15 leidde tot de evangelisatie van Noord-Turkije — categorie Handelingen & vroege kerk

De infographic schetst hoe een schijnbaar kleine ruzie, beschreven in Handelingen 15, onvermoede gevolgen had en de verspreiding van het christendom in de vroege kerk beïnvloedde. Rond 49 n.Chr. ontstond er een 'verbittering' tussen Paulus en Barnabas over de begeleiding van Johannes Marcus. Deze onenigheid leidde ertoe dat de twee belangrijke apostelen hun wegen scheidden. Paulus ging verder met Silas, terwijl Barnabas Markus onder zijn hoede nam en samen met hem een nieuw werkgebied opzocht: Noord-Klein-Azië.

Dit schisma resulteerde niet in een splitsing van de evangelisatie-inspanningen, maar eerder in de vorming van twee complementaire netwerken. Paulus richtte zich op Macedonië, Griekenland en het zuidelijke deel van Asia, terwijl Barnabas en Markus Noord-Klein-Azië, met name de regio's Pontus, Galatië, Cappadocië, Bithynië en het noordelijke deel van Asia, als hun zendingsgebied kozen. Rond 60 n.Chr. treedt Petrus op de voorgrond in dit laatstgenoemde gebied. Hij schrijft zijn brieven aan de gemeenten in deze regio's en noemt Markus liefkozend 'mijn zoon', wat duidt op een hechte band en waarschijnlijk een samenwerking in de opbouw van deze gemeenschappen.

Opvallend is dat Markus, na zijn periode met Barnabas en Petrus, rond 60-65 n.Chr. weer in het netwerk van Paulus wordt opgenomen. Dit duidt op een herstel van relaties en een waardering van Markus' kwaliteiten door Paulus. De infographic toont aan dat, hoewel de apostelen verschillende routes volgden en diverse gebieden bestreken, hun diepere doel – de verspreiding van het evangelie – gemeenschappelijk bleef. De aanwezigheid van christenen in Noord-Klein-Azië rond 112 n.Chr., zoals opgetekend door Plinius, bevestigt het succes van deze vroegchristelijke zendingsinspanningen, die voortkwamen uit de ogenschijnlijk verdeelde paden van Barnabas, Markus en Petrus.