NT-Wiki

Het idee van Gods Koninkrijk

De ontwikkeling van Gods Koninkrijk van het Oude Testament via Johannes de Doper naar het Nieuwe Testament

1400 v.Chr. – 70 n.Chr.

Infographic: Het idee van Gods Koninkrijk — De ontwikkeling van Gods Koninkrijk van het Oude Testament via Johannes de Doper naar het Nieuwe Testament — categorie Historische context

Het begrip Gods Koninkrijk is een centraal thema in de Bijbel, dat een lange geschiedenis kent. Oorspronkelijk was God zelf direct Koning over Israël, zoals te zien is in de periode van de richters. Het volk verlangde echter naar menselijke koningen, wat leidde tot figuren als Saul, David en Salomo. Hoewel David begon als een koning naar Gods hart, keerden de latere koningen en het volk zich regelmatig af, wat resulteerde in een verdeeld koninkrijk en uiteindelijk de ballingschap. Deze periode van menselijk falen benadrukte de behoefte aan een andere vorm van heerschappij, een koninkrijk dat niet van mensen afhing.

De profeet Daniël voorzag een nieuw, eeuwigdurend koninkrijk dat niet door mensen zou worden opgericht, maar door God zelf, en dat alle aardse rijken zou overtreffen en vernietigen. Na de ballingschap, in de zogenaamde Tweede Tempel-periode, was er geen Davidische koning meer, maar bleef de verwachting van een toekomstig Gods Koninkrijk levend. Johannes de Doper markeert een keerpunt door te verkondigen dat 'het Koninkrijk der hemelen nabij is', een boodschap die rechtstreeks aansloot bij de profetieën, met name die van Daniël.

Met de komst van Jezus van Nazaret breekt Gods Koninkrijk daadwerkelijk aan. Jezus begint zijn bediening met dezelfde boodschap als Johannes en claimt de Mensenzoon uit Daniël 7 te zijn. Hij onderwijst, demonstreert en sticht een volk voor dit Koninkrijk. De evangelieën beschrijven het Koninkrijk als iets dat zowel nu al werkzaam is (een zaadje dat groeit) als iets dat nog verborgen is (een schat) en dat zich manifesteert wanneer de Koning rechtvaardig zal oordelen.

Na Jezus' opstanding en hemelvaart spreekt hij nog veertig dagen over het Koninkrijk. In het boek Handelingen verkondigen de apostelen dat Jezus door God tot Koning is gemaakt en dat het Koninkrijk zich van Jeruzalem tot aan de 'einden der aarde' zal verspreiden. De brieven van het Nieuwe Testament benadrukken dat het Koninkrijk geen kwestie is van uiterlijke regels, maar van innerlijke gerechtigheid, vrede en blijdschap door de Heilige Geest. Het Koninkrijk begint zo in de harten van gelovigen en in hun gemeenschappen. De uiteindelijke voltooiing van Gods Koninkrijk wordt beschreven in Openbaring, waar een 'nieuwe hemel en nieuwe aarde' worden geopenbaard en Gods Koninkrijk voor eeuwig zal heersen, zonder einde.